De beste ideeën voor Brabant

Alfawetenschappen

  • Brabant als ‘proeftuin’ voor vitale vormen van samenwerken en samenleven (21e eeuw).
  • Een ‘samenwerkplaats’. Inventariseren van de ideeën (microniveau). Kaders bepalen - duurzaam, economisch rendabel.
  • Een ‘buurtportal’- bijvoorbeeld ‘talentenbank’. Proeftuinman/vrouw.

omschrijving

In de 21e eeuw heeft het ‘parochiehuis’ niet meer de bindende en activerende kracht die het voorheen in Brabant nog had. De ‘samenwerkplaats’ is een nieuwe plek waar mensen samenkomen, in eerste instantie om samen iets concreets te ‘doen’. Via het ‘samenwerken’ wordt het ‘samenleven’ ondersteund. De samenwerkplaats sluit aan bij de ontwikkeling van de ‘doe-democratie’: een democratie van samen doen en aanpakken i.p.v. louter samenkomen en vergaderen. Hoewel Brabant een gunstige voedingsbodem biedt voor ‘samenwerkplaatsen’ is (experimenteer)tijd nodig om de juiste, vitale vormen van organiseren te vinden. Vitaal zijn vormen die ook na de energie gevende begintijd overeind gehouden kunnen worden, die na eventuele startsubsidiëring veerkrachtig genoeg zijn om zichzelf te kunnen bedruipen en onderhouden. Het begin van het project is dan ook het selecteren en inrichten van een beloftevolle proeftuin (of twee) en het aanstellen van een ‘proeftuinman’ (m/v) die voor beperkte tijd voor de proeftuininrichting zorgt en daarna alleen voor noodzakelijk onderhoud terugkeert. De samenwerkplaats staat per definitie op een plek waar voldoende mensen wonen waarvan vermoed kan worden dat een samenwerkplaats aan een behoefte voldoet. In aanvulling op de fysieke ‘plek’ (met alle benodigde kwaliteiten) biedt de samenwerkplaats ook een virtuele ruimte: een dorps-of buurtportal waar bijvoorbeeld een talentenbank een plek in kan vervullen. De samenwerkplaats is het voor de hand liggende trefpunt voor zoiets als een klussendienst, maar ook voor telewerkers die niet op hun zolderkamer willen zitten. Uiteraard vinden die ter plekke uitstekende espresso en wifi. Oude en nieuwe bewonersorganisaties kunnen er bijeen komen voor projecten die op ‘doen’ gericht zijn.

nodig voor uitvoering

Zie hiervoor. Daarnaast moet op het volgende worden gelet:

  • Een proeftuin moet op ‘vruchtbare bodem’ worden ingericht. Dat wil enerzijds zeggen dat er voldoende noodzaak en behoefte moet zijn om iets te gaan doen en aanpakken (anders zakt het al weer snel in). Anderzijds moet er voldoende bewonersenergie en capaciteit zijn (minstens een begin daarvan) om daadkrachtig te werk te gaan.
  • De inrichting van een proeftuin moet zeker in het begin door een capabele ‘proeftuinman’ worden begeleid; voor houdbaarheid op langere termijn is het cruciaal dat de proeftuinman bewoners een doorslaggevende rol geeft in de opzet (net als bij het inrichten van een tuin thuis).
  • De proeftuin moet, op afstand, kunnen rekenen op adequate politieke en bestuurlijke bescherming. Als het nodig is moet een wethouder, en/of gedeputeerde, en/of de CdK ‘luchtsteun’ kunnen bieden.



Bètawetenschappen TUE

Slimme mobiliteit, ‘het nieuwe liften’.

omschrijving

User interface om vervoersbehoeften te kunnen opgeven en verwerken. Vervoer op maat / nieuwe belbus / het nieuwe liften. Voorbeeld: je krijgt via Tom Tom of smartphone bericht dat iemand (een bekende) vervoersbehoefte heeft van A naar B en dat het je 5 minuten meer tijd kost als je desbetreffende persoon meeneemt tijdens jouw rit. Hiervoor zouden sociale media, internet, en nieuwe systemen met elkaar en met klanten moeten kunnen communiceren.

nodig voor uitvoering

De technische kant van het project is niet het grootste probleem. Het is in eerste instantie een uitdaging op het sociale vlak. Er is een gebruikersbasis nodig. Het kan pas werken als veel mensen meedoen. Er zijn enkele onderzoeksgroepen van verschillende faculteiten op de TU/e die aan het project zouden kunnen meedoen. Er zou onderzocht moeten worden of gedragswetenschappers uit Tilburg bereid zijn mee te werken. Het verleiden tot meedoen is een belangrijk aspect. Voor de technische kant zouden er enkele AIO- en PDeng-projecten aan besteed kunnen worden. Hiervoor moeten dan faciliteiten beschikbaar zijn.


Bedrijfsleven

  • Kunst van het samenleven op wijkniveau: autonome, autarkische, transsectorale wijken. Startend concreet met 1) zorg en 2) energie. Terug naar preventie i.p.v. genezing (‘APK’).
  • Digitale sociale wijk. Vraag en aanbod bij elkaar brengen (techniek en mens). Wijkverpleegster als mentor. Transsectorale wijkcentra.

omschrijving

Het doel is autonome wijken waar werk, wonen en voor elkaar zorgen bij elkaar komt. Bijvoorbeeld door ruimtes waar men kan telewerken, kinderopvang, eigen energie voorziening (energieneutraal) en lokale gezondheidszorg.
De eerste stap hierin is het groeien naar een meer preventieve gezondheidszorg in en voor de wijk, waarbij bijvoorbeeld ook ouderen en hulpbehoevenden zoveel mogelijk in de thuissituatie geholpen worden door de inzet van wijkverpleging en moderne technieken (diagnose en monitoring op afstand). Dit kan alleen maar gerealiseerd worden door al bij het ontwerp van een nieuwe wijk alle partijen te betrekken; overheid, zorginstellingen, bedrijfsleven, woningstichtingen, projectontwikkelaars, onderwijs, enz.

nodig voor uitvoering

Het is noodzakelijk dat er een samenwerking van genoemde partijen komt in de vorm van een stuurgroep waarbij de overheid het initiatief dient te nemen. Deze stuurgroep onderzoekt de haalbaarheid en voorwaarden zowel technisch, financieel als organisatorisch. Dit resulteert in een realistisch projectplan. Daarnaast houdt zij toezicht op de uitvoering.


Bestuur

Moderne ambachtelijkheid. Trots op vakmanschap, sociaal cultureel, economisch. Aanpassen onderwijssysteem.

omschrijving

De bijdragen van de teams Openbaar Bestuur aan Brabant Brein zijn gericht zijn op het faciliteren en beleidsmatig ondersteunen van initiatieven, het creëren van randvoorwaarden voor de realisatie van maatschappelijk gestelde doelen. De provinciale en gemeentelijke organisaties zijn hierbij op onderdelen partner in de maatschappelijke keten.
De moderne ambachtelijkheid in Brabant wordt gekenmerkt door een enorme economische dynamiek. Het elkaar kunnen
vinden en het samen maken zijn twee onmiskenbare krachten die het Brabantse midden- en kleinbedrijf tot dragers van onze economie maken. De belangrijke taak voor het Openbaar bestuur is erin gelegen ervoor te zorgen dat deze netwerkstructuur wordt behouden en er alles aan te doen dat het vakmanschap weer wordt erkend en herkend. Het beeld van de vakopleiding moet positief worden gestimuleerd, met name vanuit ICT, cultuur en onderwijs. Brabant en de Brabanders moeten weer trots kunnen zijn op hun vakmanschap.
Gemeente en Provincie moeten zich partij stellen om het moderne vakmanschap tot kernpunt te maken. Dit vanuit het idee
van het moderne werken in een high-tech en sociaal-innovatief ondernemingsklimaat. Het moderne werken vraagt om andere opleidingen en opleidingsvormen. Innovatie in onderwijs moet dan ook proactief door provincie en gemeentes worden opgepakt en ondersteund. Dit is geen eenmalige actie, maar het op gang brengen van een beweging. Geen monopolisering vanuit één sector, maar een intersectorale verbinding tussen onderwijs, openbaar bestuur en bedrijfsleven.

nodig voor uitvoering

De partijen die hierin een rol kunnen en willen spelen bij elkaar brengen en samen met onderwijs en bedrijfsleven het project verder optuigen.


Erfgoed

BrabantPlein, een erfgoedlocatie in optima forma.

omschrijving

Als er één provincie in Nederland is waar erfgoed een grote rol speelt, dan is het wel Noord-Brabant. Kijk naar de duizenden heemkundigen, de honderden vrijwilligers in de musea, de genealogen in al dan niet gedigitaliseerde archieven, al die opgravers, onderzoekers, liefhebbers. Erfhoeders in optima forma. Erfgoed is echter niet alleen op het verleden gericht, ook op de toekomst. Wil erfgoed in de toekomst die waardevolle inspiratiebron blijven, dan zullen we moeten investeren in nieuwe en andere generaties. Dat is traditie in de ware zin van het woord: overdracht. We hebben het dan over erfgoededucatie. Er is in Brabant een enorm aanbod aan activiteiten op dit vlak, binnen en buiten de
school. Daar is blijkbaar grote behoefte aan, maar dat aanbod is wel bijzonder versnipperd.
De plek waar al die kennis en kennissen van het verleden bij elkaar komen is het BrabantPlein, een locatie voor erfgoededucatie. Een plek waar de doorgaande leerlijn in erfgoed wordt ontwikkeld, van peuter via puber tot professor: het hele schoolcurriculum door. Maar het is ook een plek waar educatieve zaken buiten de directe onderwijssfeer bij elkaar komen. Denk aan de vele cursussen en lezingen rondom het regionale erfgoed, aan het Hoger Onderwijs Voor Volwassenen, aan inburgeringscursussen ‘Brabant-kunde’. Denk ook aan ontspannen manieren van kennisoverdracht: netwerken, een kennisquiz, informele ontmoetingen. Die plek van samenkomst moet een inspirerende plek zijn, een erfgoedlocatie optima forma, voorzien van geavanceerde technologische zaken die de kennisoverdracht ondersteunen.
We denken aan een leegstand klooster of een voormalige fabriek. Plaatsen van ora et labora, bidden en werken. Bezinning en noeste arbeid. Die historische lijn kunnen we met BrabantPlein voorzetten, waardoor er niet alleen sprake zal zijn van een zinvolle herbestemming van dit monumentale erfgoed maar juist van een zielvolle herbestemming. En dat is een stap verder: we houden de ziel van het pand van vroeger in stand. Maar naast een fysieke plek is BrabantPlein ook een virtuele omgeving. BrabantPlein is de plek waar jong en oud samenkomen, amateur en professional, speeddates en studieverblijf in alle rust, allochtoon en autochtoon, stenen en stories, oud en nieuw, verleden en toekomst, verwoorden en verbeelden, erfgoed en niet-erfgoed, beleving en belering, leerweg en leefweg, binnen en buiten school, stad en platteland. Uitwisseling van bestaande kennis en ontwikkeling van nieuwe kennis (labfunctie): daar staat BrabantPlein voor.
BrabantPlein, dat is niet De Kunst van het Samenleven, maar de Kunst van het Samenweven! Met alle kenniswerkers van BrabantPlein zorgen we ervoor, gevoed door het verleden, dat Brabant blijft behoren tot de topkennisregio’s van Europa.

nodig voor uitvoering
  • Een her te bestemmen klooster of fabriek (in het kader van Grootschalige Cultuurhistorische Complexen)
  • Middelen voor restauratie en verbouwing
  • Middelen voor exploitatie (inclusief horeca) en bemensing
  • Hoogwaardige interactieve internetomgeving
  • Communicatiekracht
  • Eventueel: verhuizen van Brabant-Collectie naar Brabant-Plein



Kunst

Vergaderingen laten openen door een vijf minuten durende daad van een kunstenaar.

omschrijving

Vroeger begon een vergadering met een gebed of met een stichtelijk woord, een immateriële overweging die de gemeenschap tot nadenken stemde. Wij hebben het idee om gedurende een maand, volgend seizoen, elke vergadering in Brabant, van politieke raadsvergaderingen, tot vergaderingen van de voetbalvereniging of vergaderingen in het bedrijfsleven te laten openen door een vijf minuten durende daad van een kunstenaar. Dit kan het voorlezen van een gedicht zijn, of het spelen van een etude van Bach, of het laten zien van een kindertekening. Elke kunstzinnige uiting is goed.
Alle kunstenaars van Brabant kunnen meedoen, en alle organisaties die vergaderen in Brabant kunnen meedoen. Er moet een centrale website komen waar kunstenaars en organisaties zich op kunnen inschrijven. Op die site kunnen voorkeuren en overwegingen geuit worden. Vanuit die centrale site worden de kunstenaars toegewezen aan de vergadering. Eventuele reiskosten die door de kunstenaar gemaakt worden moeten door de organisatie vergoed worden, maar verder werkt het systeem met gesloten beurzen, deze ene maand. Als blijkt dat het aanslaat, dat organisaties de bezoeken willen continueren dan zal dat na een evaluatie bekeken worden hoe dat kan. Cruciaal is dus de bekendmaking en de centrale plaats van waaruit alles gecoördineerd wordt.
Voor het welslagen is het van belang dat er actief onder kunstenaars geworven wordt. Kunstenaars dienen dit te zien als een soort burgerdienst en moeten dus een paar keer die maand opdraven om hun vijf minuten durende daad ter opening van de vergadering te doen. We moeten dus eerst de sfeer creëren dat iedereen meedoet. Bedrijven, pers, kunstenaars etc. De organisaties kunnen hun lichte voorkeuren aangeven, maar de praktijk zal uitmaken in welke mate daaraan voldaan kan worden. Verder is het van groot belang dat de vergaderingen zich laten verrassen. Het project moet een naam hebben, en een aanspreekpersoon voor de tijd van het project.


Nieuwe Brabanders

Een talentencentrum voor en door bewoners in de wijk, waar bewoners elkaar ontmoeten, positief beïnvloeden en inspireren en waarbij gebruik gemaakt wordt van elkaars talenten.

omschrijving

Een multifunctioneel ‘Doe-centrum’ (gebouw) midden in de wijk dat een laagdrempelige én uitnodigende uitstraling heeft op de bewoners, welke betrokken worden bij ontwerp, inrichting en uitvoering hiervan.
Centraal staan: sociale ontmoetingen, leren van elkaar, ontwikkeling en ‘spotten’ van talenten en kunde, ‘citizenship’, zorgverantwoordelijkheid voor elkaa, ‘community development’ en ‘community enrichment’, wijkontwikkeling en wijkverrijking. Het gebouw is in beheer van de buurtbewoners zodat ze een duidelijke functie hebben; dit kan wonen, werken maar ook vrijetijdsbesteding zijn. Vrijwilligers en werkenden zijn normaal aanwezig, zo ook een plek waar jongeren het vakmanschap van ‘ouderen’ kunnen leren en vice versa.
Activiteiten: Vrijetijdsbesteding (cultureel, dans, zang, sport) is een belangrijk item waardoor (met name maar niet alleen) jongeren een doel hebben en met hun talenten aan de slag kunnen; opstap(stimulerings) activiteiten naar verdere scholing, arbeid, bedrijvigheid en vrijwilligerswerk; activiteiten t.b.v. het opplussen van hobby’s naar kwalitatief hoogwaardige en talentvolle activiteiten ten dienste/bate van de persoon/groep en wijkgemeenschap.

nodig voor uitvoering

Een helder projectplan (meer een businessplan).

Mankracht:

  • Een project/ontwikkelingsgroep (= stuurgroep/bestuur).
  • Projectcoördinator.
  • Talentenscouts (voor het spotten, promoten en verkopen/uitzetten van talenten).
  • Buurt/krachtwerkers (voor motivering, stimulering,ondersteuning).
  • Intermediairen die een sleutelpositie in de wijk hebben en moeilijk bereikbare groepen kennen, en kunnen bereiken.
  • Vrijwilligers (voor het dagelijks runnen van het centrum).
  • Een multifunctioneel gebouw (+ inrichting)

Financiële middelen:

  • Overheidsbijdrage.
  • Fondsenwerving/stimuleringsfondsen.
  • Bijdrage bedrijfsleven: sponsoring/donaties in het kader van MVO (maatschappelijk verantwoord ondernemen).
  • Bijdrage externe talentenjagers (scholen, werkgevers, kunst, cultuur, sport instellingen e.a.).
  • Bijdrage deelnemers, buurtbewoners en participanten.



Onderwijs

De demografische ontwikkeling van Brabant gekoppeld aan de opgave verouderde wijken te renoveren biedt kansen om nieuwe campussen te ontwikkelen waar 24/7 geleefd kan worden. En waar verschillende functies vanuit kunst, cultuur, sport, handel, onderwijs en andere voorzieningen bij elkaar worden gebracht.

omschrijving

In het educatie 3.0 tijdperk zie je nieuwe combinaties van beroepen ontstaan wanneer mensen met verschillende beroepen bijvoorbeeld tijdens werk in een cafe in gesprek raken en zodoende hun werkterrein laten vermengen met hun gesprekspartner. Hieruit zouden nieuwe initiatieven kunnen komen die weer leiden tot innovatie op allerlei gebieden. Het werken aan een virtuele en fysieke campus op 1 locatie waar jong en oud elkaar treffen en van elkaar kunnen leren zou een nieuwe functie van oude wijken kunnen invullen. Zo’n campus kan bestaan uit een brede school, van 4 tot 22 naar school, sport-en cultuurfaciliteiten, verwantwoorde eetgelegenheden, green kanteens etc.
De samenleving 1.0 is erg topdown, gestructureerd met allemaal etiketjes. Onderwijs, media, de bibliotheken, ze zitten allemaal vrij vast, op hun eigen plek, weg van elkaar. Dat gaat allemaal naar het samenleven 3.0 toe. Dan moet je denken aan one-to-one, dynamisch, mobiel vooral. Straks loopt iedereen met een smartphone, iPad, enz. Dan krijg je hele andere situaties. Wat heeft dat voor consequenties voor het onderwijs?
Samenleving 2.0 is de overgangssituatie waarin we nu min of meer zitten. Alle bestaande instituties worden afgebroken. Onze droom is samen te werken aan samenleven en leren 3.0. In onze optiek beginnen we met nadenken over de letterlijke plek van scholen in de samenleving. Geen gesloten instituut meer, maar een open plek, bruisend, creatief en sociaal: plaats voor ontmoeting en activiteiten binnen de wijk, dorp of stad waar de school gevestigd is. Denk aan een echt fysiek leerplein: ruimte voor ontmoeting, kennis delen en vergaren, jouw talent ontwikkelen op sport-, muziek, kunst, cultuurgebied, leren van ouderen, leren van jongeren, leren over goed samenleven en samen delen.

nodig voor uitvoering

Voor de uitvoering van dit project is commitment van de provincie nodig en een fysieke plek waar een dergelijke campus zou kunnen ontstaan, een plek waar de grootst mogelijke vorm van samenleven zoals boven geschetst kan worden uitgewerkt en beleefd.


Ruimtelijke ordening, milieu en landschap

  • Concept proeftuin in stad/platteland.
  • Corridors (spoorlijnen, kanalenstelsel) combineren; verbinden van stad/platteland.

omschrijving

De grote steden verbinden met het platteland door de spoor- en kanaalzones extra accent te geven als onderdeel van de ecologische, logistieke en handelsrelatie tussen beide. De 5 proeftuinen die gerelateerd worden aan elk van de 5 steden een functie geven in de behoefte aan energie, schone lucht, recreatie, voedselvoorziening, waterbeheer, en gezondheid t.b.v. het stedelijk gebied.

nodig voor uitvoering

Enthousiastelingen die meedoen, ruimtelijke borging, bestuurders met leiderschap, water, schone bodem en ‘zaad’.


Sport en vrije tijd

  • Verbinden van Sportplan Brabant met Brabant Culturele Hoofdstad.
  • Communicatieplan: Brabant in beweging, fysiek en mentaal. Boegbeelden ter promotie. Sportcanon van Brabant. Puzzels langs de snelweg. Spaarsysteem met beloning in duurzaamheid (1 boom voor x-beweging). 24/7 tijdloos bewegen. Nieuwe vormen van bewegen. Verbinden via gaming, nieuwe media (kunst).
omschrijving

Het bruist in Brabant van de mooie initiatieven, ideeën en projecten, voortvloeiend uit de kokers van verschillende sectoren; sport, cultuur, toerisme, kunst, innovatie, etc. Toonaangevend en actueel zijn ‘Sportplan Brabant’ en ‘Brabant Culturele Hoofdstad’; twee unieke projecten, met aanzienlijk beschikbaar budget van respectievelijk 40 en 80 mln, parallel aan elkaar ontwikkeld, maar met nog te weinig oog voor elkaar. De output van deze initiatieven kent echter vele overeenkomsten: ze staan beide voor trots, creativiteit, talent, dynamiek. Ze dragen bij aan een optimaal vestigingsklimaat,
een gezonde economie, sociale cohesie. Het verbinden van deze twee mooie initiatieven zal eens te meer benadrukken
dat ‘het geheel meer is dan de som van de delen’.
Het Sportplan Brabant / Olympisch Plan Brabant streeft naar een gezonde samenleving waarin iedere burger in staat is te participeren en/of excelleren op eigen niveau. Participeren en excelleren kan door fysiek te bewegen, maar ook door je brein in beweging te (laten) brengen, out off the box te denken, passie en energie op te wekken. Juist daar ligt de link met de kunst en cultuur, en met Brabant Culturele Hoofdstad 2018.
De overeenkomsten en dwarsverbanden in sport en cultuur zijn met name te verzilveren op het gebied van communicatie.
De volgende ideeën zijn hiervoor aan te dragen:

  • Communicatie-uitingen laten verzorgen door kunstenaars.
  • Inzetten van boegbeelden/ambassadeurs, zowel uit de sport als uit de cultuur.
  • Boegbeelden uit sport en cultuur van ‘functie’ laten wisselen.
  • Bottum-up benadering: geef iedereen de mogelijkheid via sociale media zelf een bijdrage te leveren (ontwikkeling App, zie laaghangend fruit).
  • Ontwikkelen van innovatieve, interactieve beweegpleinen waar kunst, cultuur en sport hand in hand gaan.
  • Ontwikkelen van sport- en cultuurcanon langs snelwegen.
  • Multifunctioneel inrichten van accommodaties.

nodig voor uitvoering

Budget, expertise, bereidheid om over grenzen te kijken.